De Mens Achter de Stenen. Vandaag in de spotlight: Deanie van Tuijl, sociaal ondernemer.
Wat drijft de professionals die bouwen aan de toekomst van ons zorgvastgoed? In deze tweewekelijkse rubriek kijken we voorbij de cijfers, vierkante meters en regels. We leggen een vakgenoot een vaste set vragen voor over hun persoonlijke motivatie, uitdagingen en visie op de sector.
Wie ben je, wat is je rol in zorgvastgoed en wat was je allereerste aanraking met deze sector?
Als sociaal ondernemer beweeg ik mij al tien jaar op het snijvlak van ouderenzorg, conceptontwikkeling en sociaal ondernemerschap. Mijn eerste stappen in het zorgvastgoed kwamen voort uit de bewuste overtuiging dat het anders kan én moet in Nederland. Ik gunde de ouder wordende mens een plek die écht als thuis voelt, waar je geen afscheid hoeft te nemen van de dingen die thuis zo gewoon zijn. Het antwoord lag voor mij in kleinschalige woonzorgvoorzieningen, nauwgezet ingericht op de behoeften, wensen en levensstandaard van de bewoner.
Die visie bracht mij eerst naar het Gooi, waar ik hielp bij het opzetten van zes kleinschalige woonzorgconcepten die later onderdeel werden van Domus Valuas, vervolgens naar Almere om Residence Reedewaard vorm te geven, en tot slot naar het verduurzamen en inrichten van de Kruseman Zorgvilla’s. In al mijn werk geldt één vast uitgangspunt: het zorgconcept is leidend en het vastgoed beweegt zich eromheen. Pas als die twee naadloos in elkaar grijpen, voelt een bewoner zich daadwerkelijk thuis.
Waarom koos je voor de zorgvastgoedsector en bijvoorbeeld niet voor de commerciële vastgoedwereld?
Daar kan ik heel kort over zijn: ik hou van de wereld van zorg en welzijn, en specifiek van de ouder wordende doelgroep in Nederland. De dynamiek van de commerciële vastgoedwereld mist wat mij betreft de menselijke essentie die het werk in de zorgsector zo waardevol maakt. Mijn drijfveer ligt in het centraal stellen van de wensen en behoeften van de bewoner en van daaruit het vastgoedconcept laten ontstaan. Dat is waar ik echt blij van word.
Kun je een moment beschrijven waarop je dacht: "Dít is waar ik het voor doe"?
Het idee dat echtparen van elkaar gescheiden worden zodra een van hen intensieve zorg nodig heeft, juist op het moment dat ze elkaar het hardst nodig hebben, vind ik hartverscheurend. In een van mijn huizen hadden we de mogelijkheid om echtparen samen een mooie plek te bieden, en dat vormt voor mij de kern van mijn werk.
Een tastbaar voorbeeld is de familie De Zwaan (geanonimiseerd). Mevrouw leed aan dementie, maar doordat we appartementen met twee slaapkamers boden, konden we de benodigde nachtzorg verlenen zonder dat de nachtrust van haar echtgenoot werd verstoord. Mevrouw bewoog zich overdag rustig over de gangen met de juiste begeleiding, terwijl meneer kon genieten van zijn eigen ritme en de reuring in huis. Zelfs na het overlijden van zijn vrouw konden we hem een eigen appartement bieden binnen hetzelfde complex. De gezelligheid, de liefde en het vertrouwen die in twee jaar tijd waren opgebouwd, maakten verhuizen ondenkbaar. Deze vorm van zorg en leven, met de menselijke wens continu centraal, bracht mij het gevoel: dít is waar ik het voor doe!
Welke concessie op het gebied van kwaliteit of beleving weiger je pertinent te doen, zelfs als de businesscase onder druk staat?
De tijd en aandacht voor de medemens! Ik geloof er heilig in dat tijd en aandacht altijd mogelijk zijn, en dat je door hierop te beknibbelen het leven uit een woonzorgconcept haalt. Je doet dit werk voor de mensen, dus zij horen centraal te staan. Je kunt eromheen van alles slimmer, efficiënter en duurzamer inrichten, maar het hart mag je er nooit uithalen.
Welke gewoonte of regel in het zorgvastgoed zou jij morgen direct afschaffen als je de baas van Nederland was?
Als ik het voor het zeggen had, zou ik de regel dat zorg alleen verleend mag worden in panden met een maatschappelijke bestemming direct afschaffen. Het vinden van geschikt en betaalbaar vastgoed om innovatieve zorg- en welzijnsconcepten mogelijk te maken, is in Nederland onnodig ingewikkeld gemaakt. Er staat ontzettend veel vastgoed leeg, maar zonder maatschappelijke bestemming kan het niet worden omgevormd tot de concepten waar de samenleving nu om staat te springen. We komen zelfstandige woningen met zorg tekort, maar ook kleinschalige woonzorgvoorzieningen en nieuwe vormen van dagbesteding lopen vast omdat het vastgoed onbereikbaar is. Een versoepeling van de wet- en regelgeving is op dit punt keihard nodig.
Welk project is voor jou hét bewijs dat zorg en vastgoed perfect hand in hand kunnen gaan?
Dat bewijs zie ik in een breed palet aan initiatieven. Naast beproefde kleinschalige woonzorgconcepten zie je de opkomst van geïntegreerde zorgpleinen, waar eerstelijnszorg en het WMO-loket onder één dak samenkomen in nieuwbouwwijken (mits de gemeente deze niet vergeet in te tekenen op het bestemmingsplan).
Ook heb ik mogen werken aan de doorontwikkeling van vrouwenklinieken: zelfstandige behandelcentra midden in een woonwijk. Voor veel vrouwen vormt dat een laagdrempelig alternatief voor een anoniem of spannend ziekenhuis. Zolang je de doelgroep voor ogen houdt, kijkt naar hun wensen en daar passend vastgoed bij ontwikkelt, creëer je een win-winsituatie.
Wat zijn in jouw optiek de kansen en bedreigingen om de zorg in Nederland toekomstbestendig te houden?
De kansen liggen in de beweging die nu in gang wordt gezet: mensen met een zorgvraag willen graag langer thuis blijven wonen. Maar als we dat willen, moeten we ook echt investeren in het sociale domein, in welzijn en in preventieve programma's om mensen thuis fit en vitaal te houden. In Nederland zijn we erg geneigd om pas in actie te komen als het kwaad al geschied is, met als gevolg dat we de duurste dementiezorg ter wereld hebben.
Vanuit Stichting DemenTalent, die ik de afgelopen 2,5 jaar heb mogen vormgeven, ondersteunen we thuiswonende mensen met dementie om via vrijwilligerswerk onderdeel te blijven van de samenleving. Ze blijven langer actief, maken minder gebruik van zware zorg en stromen later in bij een verpleeghuis. Onze businesscase laat zien dat we hiermee 400 miljoen euro per jaar kunnen besparen op de WMO- en WLZ-zorg. De bedreiging is dat we het in Nederland ondanks de harde cijfers lastig vinden om in dit soort programma's te investeren, omdat de uitkomsten niet direct meetbaar zijn. We hebben bestuurders, gemeenten, verzekeraars en zorgkantoren nodig die dit aan durven gaan.
Welke rol kan de (zorg)vastgoedmarkt hierin spelen?
De zorgvastgoedmarkt kan de motor zijn achter de zorgtransitie die hard nodig is. Ondernemende spelers in zorg en vastgoed hebben de afgelopen jaren al laten zien hoeveel impact innovatie heeft: van het scheiden van wonen en zorg bij kleinschalige woonvormen en gespecialiseerde behandelklinieken tot zorgpleinen en sociale stichtingen die draaien op gemeenschapskracht. Het vastgoed vormt de fysieke basis waarop sociale cohesie kan ontstaan, waardoor buurtgenoten en voorzieningen elkaar versterken.
Welk advies geef je aan de volgende generatie vastgoedprofessionals die de zorgmarkt in wil?
Zorg dat je het hart laat spreken binnen vastgoedprojecten. Ga actief in gesprek met de mensen voor wie je bouwt: de toekomstige bewoners, de patiënten die er dagelijks over de vloer komen en de omwonenden in de buurt. Vraag naar hun daadwerkelijke wensen en behoeften en betrek hen bij het bouwen van het hart van je gebouw. Stenen zijn uiteindelijk maar stenen; het zijn de mensen die er een ziel aan geven en het laten leven.
Laat van je horen!
Ben jij of ken jij een professional in de sector zorgvastgoed met een inspirerende visie op de markt? Wij zijn altijd op zoek naar nieuwe verhalen voor De Mens Achter de Stenen.
Meld jezelf of een vakgenoot aan voor een kort interview door contact met ons op te nemen. We horen graag jouw verhaal!